Verslag ColleMarathon

Het aantal leden bij de Bergse Runners Club die de laatste jaren het lopen van een marathon als doel stellen, is flink toegenomen. De grote groep die met elkaar naar Berlijn en Parijs gingen is indrukwekkend. Ook de individuele toppers die Chicago, Boston, Enschede of Rotterdam volbrachten dwingen de nodige respect af in de club. Er zijn echter ook nog de `oudjes` zoals ze gekscherend genoemd worden, die een respectabel aantal buitenlandse marathons op hun naam hebben staan.  Barcelona, Berlijn, Dublin, Edinburgh , Rome en New York om maar eens wat te noemen. De ene marathon is net gelopen of er ontstaan alweer plannen voor de volgende. Cultuur en plezier en goede gesprekken staan hoog in het vaandel, maar er moet natuurlijk ook gepresteerd worden.

Ed van Deelen die een prachtig huis gekocht heeft midden in Italië, liep na New York de ColleMarathon in Italië, waarin je van de 42 kilometer maar liefst 30 kilometer moet klimmen en dalen. Daar was New York een `appeltjeeitje` bij! Natuurlijk werd dit verhaal onder de borrel verteld en hadden wij ook de nodige appelsap op dit direct als nieuwe uitdaging op te pakken. Aangezien de finish niet bij de start was en er netto meer gedaald werd dan geklommen telt deze marathon niet als een record, maar daar maakte wij ons niet nerveus over want dat was niet ons streven.

De voorbereiding ging dit keer moeizaam. Mentaal en fysiek leken de `oudjes` er niet meer tegenop gewassen. Cor Brakenhof vond de helft lopen meer dan uitdagend.  Jos Nijkamp – oud BRC lid  verhuist na Dodewaard – had nog teveel last van zijn enkel na een gecompliceerde enkelbreuk. Gert-Jan Snoek kreeg zoveel last van een `hielspoor` dat hij vrijwel niet meer kon trainen. Onderweg tijdens de lange duurtrainingen moesten de echtgenotes regelmatig gebeld worden om iemand op te pikken. Ondanks al deze ongemakken gingen vrijdagmorgen 7 mannen op weg naar Italië.

We beleefden een paar heerlijke dagen waarin we zoveel van de streek Le Marche zagen en waar we ten volle genoten van het Italiaanse leven en de gastvrijheid van Ed. De dag voor de marathon liet Ed ons het parcours zien van de marathon. We werden er sprakeloos van: de klimmetjes zo steil, maar ook het dalen bezorgden in de auto al kniepijn. Alleen Gert Admiraal (de triatleet uit Weesp) zag wel enkele mogelijkheden waar hij zijn demarrage kon plaatsen. Cor Brakenhof die vrijdag tijdens een trainingsklimmetje van 5 kilometer last van zijn knie kreeg besloot om helemaal niet te gaan lopen, hij offerde zich op als coach. Jos Nijkamp leek het gaaf om de eerste 11 kilometer voor zijn rekening te nemen en Gert-Jan Snoek zou de laatste 16 kilometer proberen uit te lopen.

Zondag om 9.00 was de start. Gelukkig vroeg want er was 25 graden Celsius voorspeld en dat is killing voor een marathon. De start was fenomenaal. Boven op een burght onder een poort werden volksliederen gezongen, speelde een muziek korps van het leger en kwamen de Kenianen en Marokanen enkele minuten voor de start gewoon van achteren tussen de deelnemers naar de startstreep toe lopen.

Met een kanonschot en confetti in onze oren gingen we er vandoor. De eerste 2 kilometer was zo steil naar beneden dat het mij niet lukte om meer af te remmen en ik binnen de 8 minuten de eerste 2 kilometer afgelegd had. Daarna begon het klimmen en viel ik vanzelf terug in tempo. Het lukte totaal niet om in een ritme te komen en Gert Admiraal waarmee ik samen zou lopen was ik kwijt. De eerste vier bergdorpjes waar we doorheen kwamen zagen het als hun plicht om een extra rondje uit te zetten steil omhoog langs de kerk of door een burcht heen, wat als sadistisch werd ervaren. De mooie dames in klederdracht en de volksspelen op de pleinen en de muziek maakte het wel heel bijzonder. Na 12 kilometer had ik al behoorlijk pijn in mijn bovenbenen en kuiten en begon ik mij zorgen te maken. Ik zag daar echter Gert Admiraal lopen die nog het extra rondje rond de kerk moest lopen en dat gaf mij toch weer energie. Ik probeerde maar mijn ritme te vinden en mij aan te sluiten bij de Italianen die langs kwamen, maar ik had telkens een ander ritme in het klimmen en dalen dan zij. Veel Italiaanse lopers sprake mij aan, maar helaas had ik nog te weinig opgestoken van Ed zijn Italiaanse lessen.

Ik begon mijn hoop te vestigen op het 26 km punt, daar zou Gert-Jan instappen en zou hij mij vast kunnen oppeppen om dat laatste eind samen te lopen. Eindelijk was het zover. Cor en Jos zag ik al van verre staan. “Is Gert-Jan al vertrokken!“ riep ik herhaaldelijk. Waarop zij antwoorden: “we hebben hem nog niet langs zien komen.“ Ik dacht die ~س♀ӗ؋ի denken dat ik Gert Admiraal bedoel natuurlijk. Ik overwoog even om gewoon maar lekker bij hun te gaan staan, maar omdat ik toch nog eerste Nederlander was, besloot ik door te gaan. De temperatuur begon flink op te lopen en dankzij de vele drank-, eet- en sponsenposten lukte het mij om door te gaan.

Uiteindelijk liepen we bergafwaarts richting het strand, maar met mij zelf ging het zelf ook bergafwaarts. Om het verkeer van een autoweg niet te hinderen moesten we door een grasveld afdalen om aan de andere kant van de weg weer omhoog te klimmen. Bij deze klimpartij schoot de krampen in mijn beiden bovenbenen en raakte ik het niet meer volledig kwijt. In mijn `beginners loopgroepjes van LoopJeFit zeg ik altijd:“ je kunt altijd langzamer lopen, als je maar niet gaat wandelen.“ Nou, langzamer lopen dat deed ik.`t Jonge, jonge, ik kwam bijna niet meer vooruit. Ik nam me voor in ieder geval door te blijven lopen tot Gert Admiraal langs zou komen. Talloze keren keek ik om maar zag geen oranje shirt. De een na de ander haalde mij in en ik kwam alleen maar degene voorbij die waren gaan wandelen, maar dat waren er ook best nog veel. De zoveelste kinderkoppies in de finshplaats Fano deden pijn aan mijn voetzolen, maar ik was blij eens andere pijn te voelen. Na 3.40.52 kwam ik binnenstrompelen, maar werd ik heerlijk onthaald door het fijne publiek! Gert Admiraal kwam na 3.49.10 binnen en hij had werkelijk bijna dezelfde ervaringen als ik beleeft. Het wachten was op Ed van Deelen die daar al een keer onder de 4 uur had gelopen! Hij arriveerde na 4.25.10 uur. Hij vertelde dat de extreme zwaarte die we ervaren hadden kwam door de combinatie van de warmte en het zware parcours. Cor en Jos konden met de auto vlak bij de finish komen en vertelde dat Gert-Jan ondanks zijn hielspoor klachten na 11 kilometer Jos had afgelost en daar al het parcours was ingestapt. Tevens had hij Rin, die na 26 kilometer wilde stoppen, met veel overtuiging `meegetrokken.` Later kregen Cor en Jos nog van Gert-Jan te horen dat ze Rin maar op het parcours moesten gaan zoeken omdat hij verwachtte dat het echt niet meer ging. We begonnen ons allemaal zorgen te maken, zeker omdat we bij een bank 29 graden Celsius stond aangegeven. Gert-Jan bij verre niet optimaal getraind en Rin volledig uitgeput (?) We bleven onze ogen strak op het parcours houden.

En op 4.54.06 kwam Gert-Jan dolgelukkig binnen en hij voelde zelfs zijn zere voet niet meer. Geweldig was het van hem te vernemen dat Rin niet ver achter hem zat, want hij had hem nog in een lus gezien. Onze allergrootste held kwam net over de 5 uur binnen en deed direct een voorstel dat we volgend jaar de marathon van Jamaica maar moesten doen want hij had de reggae muziek al in zijn hoofd.

Gerard Miltenburg